Rommelliefde
Wie heeft er niet ooit gedroomd van een huisje in het buitenland? Of heeft tijdensde vakantie in de etalage bij de lokale makelaar gekeken? Je zag het zo voor je: een mooie zomer- avond, een lange tafel vol familie en vrienden, vrolijk rondrennende kinderen en de rosé werd weer eens bijgeschonken. Om dan snel te beseffen dat het idee onzin was en onbe- reikbaar bovendien.
16471
post-template-default,single,single-post,postid-16471,single-format-standard,bridge-core-1.0.4,ajax_fade,page_not_loaded,,vertical_menu_enabled, vertical_menu_transparency vertical_menu_transparency_on,qode-title-hidden,side_area_uncovered_from_content,qode-theme-ver-18.0.8,qode-theme-bridge,disabled_footer_top,disabled_footer_bottom,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-5.7,vc_responsive

Rommelliefde

De liefde voor oude zooi ontstond bij ons al vrij vroeg. Cynthia kocht haar eerste ‘eigen’ interieurspulletjes tijdens de zomervakanties in Engeland met haar ouders. Elegante oude tafeltjes, antiek bestek en het typisch Engelse hotelzilver waren haar eerste vangsten. Mijn eerste rommelstappen zette ik tijdens mijn studentenjaren in Brussel. Daar ontdekte ik de leukste rommelmarkt van de hoofdstad, de Vossenmarkt. Zeven dagen op zeven paraat op het kleurrijke Vossenplein in de volkse Marollenbuurt. Een rommelwereld ging voor me open en zowat de helft van de inboedel van mijn kleine appartement kwam ervandaan.

De brocante-microbe heeft ons sinds die tijd goed te pakken. Los van elkaar zagen we allebei de charme, de blijvende waarde en de ziel van oude meubelen en accessoires. De liefde is gebleven, ook voor die oude zooi. We gaan nog steeds samen regelmatig op zoek naar dat ene topstuk. Meestal zonder succes, maar de jacht is vaak leuker dan de vangst. Toch zijn een paar van die ‘trofeeën’ in ons leven gebleven en ze vonden zonder al te veel moeite een plekje in ons gezamenlijke huis. Tafeltjes uit Brussel, archiefkasten uit Antwerpen, een oude lederen clubfauteuil uit Rotterdam, jaren 30-stoelen uit Amsterdam. Ze zijn allemaal een deel van ons woongeheel geworden.

Toen we een oude boerderij in Frankrijk kochten, was de tocht naar de rommelmarkt voor ons dus vanzelfsprekender dan die naar de Franse woonboulevard. Tijdens de zomer is Frankrijk al helemaal het Walhalla voor rommeljagers. De vide-greniers of rommelmarkten zijn niet te tellen en de ochtendlijke zoektochten zijn een vast onderdeel van onze vakanties geworden. Het gevolg laat zich waarschijnlijk raden. De inrichting van onze boerderij is een ‘gezonde’ mix van oude spullen en modern comfort. Oude metalen bedden met nieuwe, lekkere matrassen. Een strakke dubbele wasbak op een heel oud tafeltje. De vergeten servieskast uit de schuur werd gered van de ondergang en de houtworm. Maar we hebben ernaast wel spiksplinternieuwe keukenkastjes staan met nog modernere apparatuur erin. Het beste van twee werelden zeg maar.

Naast die nieuwe ouwe aanwinsten bestaat er nog een hogere rommelcategorie. De speciale dingen die niet kunnen of mogen weggedaan worden. Het versleten, rafelige Perzisch tapijt van Cynthia’s oma is zo’n blijver. Net als een spiegeltje van mijn vader. En de serviezen van onze beide grootmoeders hebben we gecombineerd in die frisgroene ‘geüpcyclede’ servieskast. We denken dat de oma’s het wel leuk hadden gevonden dat de borden uit hun trouw-uitzet nog steeds gebruikt worden. Eeuwigheidswaarde zit ‘m soms in kleine dingen.


22-03-2021

Bron :
www.ariadneathome.nl